De kinderen
Voordat zij naar Anna Home kwamen hadden alle kinderen een moeilijk leven. Geen goede plaats om te wonen, geen geld voor voldoende verwarming en eten en al helemaal niet voor school. Sommigen werden door hun ouders mishandeld. De verzorgsters hebben van een aantal kinderen de geschiedenis kort opgeschreven.
De zusjes Dalaitogoo, 10 jaar, en Monkhzul, 9, verhuisden na de vroege dood van hun vader van het dorp Mardaid naar een kelder in Choibalsan. Totdat hun moeder met haar derde dochter naar Ulaanbaatar vertrok en hen zonder hulp achterliet. Monkhzul wil kok worden en aan mensen een heleboel verschillende soorten voedsel serveren.
Khurelbaatar, 14, en Ganbaatar 8 zijn broers.
Zij woonden met hun moeder en 12 andere mensen in een kleine schuur. Er was te weinig geld voor verwarming en voeding omdat het enige inkomen bestond uit kinderbijslag. Khurelbaatar ging een jaar naar school en verzamelde flessen waarmee hij soms 1000 tot 1500 T per dag verdiende. Hij zit nu in de schakelklas. Hij wil directeur van een bedrijf worden.
Ganbat, 17 jaar, verloor zijn vader al heel jong en woonde samen met zijn moeder, maar zij hadden geen huis en moesten dus bij verschillende andere families wonen. Zijn leven was heel moeilijk en dat resulteerde in een zwakke gezondheid. Hij ziet eruit alsof hij 10 is. Zijn moeder heeft een heupdislocatie en kan dus geen werk krijgen. Ganbat is nooit naar school geweest, maar gaat nu tot zijn grote genoegen naar de schakelklas. Hij droomt ervan om goed te studeren, werk te krijgen en bij zijn moeder te wonen. Zijn broer Ganzorig, 4 jaar oud, woont sinds eind 2008 ook in Anna Home. Zijn dramatische leefomstandigheden tot die tijd zijn beschreven in de nieuwsbrief van 15 december 2008.
Voordat ik naar Anna Home kwam leefde ik met mijn moeder, twee zussen en een broertje in een piepklein kamertje, onder de trap in een flatgebouw. Er was geen water en geen wc. Mijn moeder was daar jijuur, dat is iemand die de trappen en de omgeving van de flat schoonmaakt. Ze verdiende daar bijna niets mee en wij konden dan ook niet naar school. Mijn vader had ons al lang in de steek gelaten. Ik was een van de eerste kinderen die opgevangen werd door Boldsaikhan, samen met mijn vriendin Bolortuya. In 2007 kwamen we in Anna Home en toen is mijn leven helemaal veranderd. Ik ben naar school gegaan en sinds dit jaar zit ik op de technische school van Choibalsan waar ik leer naaien. Op de nieuwe naaimachines in Anna Home oefen ik veel. Over twee jaar ben ik klaar met school en dan wil ik een naaiwerkplaats beginnen. Ik wil een heel goede naaister worden. Ook wil ik, als ik ouder ben, voor de kinderen in Anna Home zorgen.
Byambadavaa is 13, hij heeft hebben geen ouders meer, zij zijn dood. Hij wil later politie agent worden.
.
.
Ganzorig 12 jaar, heeft zijn moeder nooit gezien. Hij leefde met zijn vader die geen huis en geen werk had en een andere vrouw, maar de verhouding met haar was niet goed. Hij heeft vijf jaar in het "Light Centre" gewoond en ook bij zijn grootmoeder tot zij stierf. Hij is niet geregistreerd, zodat zijn vader geen kinderbijslag krijgt. Nu gaat hij naar de schakelklas, is erg opgewekt en praat veel. Hij wil kok worden.
Erdenebayar 14 jaar, woonde met zijn moeder, twee zusjes en een tante, maar zij hadden geen huis en geen werk. Het enige inkomen bestond uit kinderbijslag. Hij zit nu op school in de zevende klas. Later wil hij gymnastiekleraar worden en voetbaltrainer. En ook lama. Hij wil werken en net als andere mensen leven.
De ouders van Olziibayr zijn gescheiden. Zijn moeder woont in Ulaanbaatar, zijn vader in Choibalsan. Zijn vader is werkeloos en heeft geen huis. Olziibayr, 16 jaar, wil kok worden.
.
De twee zussen Tumentsetseg (15) en Namuuntsetseg (12) kwamen in januari 2010 naar Anna Home. Hun vader stierf toen ze nog klein waren. Ze werden opgevoed door hun moeder en een stiefvader. Ook leefden ze jaren in een weeshuis dat nu gesloten is. Moeder zit nu voor vijf jaar in de gevangenis en hun stiefvader heeft geen werk en geen huis.
Uurnemekh is 9 jaar oud als hij in maart 2010 in Anna Home komt wonen. Zijn moeder is in Ulaanbaatar, zijn vader is werkeloos en dakloos. Hij is nooit naar school geweest en kan dus niet lezen of schrijven. Hij droomt ervan ooit directeur van een bedrijf te worden. Eerst maar eens naar school en voetballen in zijn vrije tijd.
In het doorgangshuis wonen: